LCVM-nieuwsbrief augustus 2006
We beginnen in deze nieuwsbrief met de basisregels voor motorveiligheid. In het kort komt het hierop neer:
wees altijd ontspannen, vriendelijk en laat je niet opjagen door anderen. Dat moet voor ons, motorrijders, toch niet zo moeilijk zijn?
Waar we met de motor echt voortdurend rekening mee moeten houden is de staat van het wegdek.
Dit is van essentieel belang voor ons rijgedrag. Daarom nog even wat tips voor het rijden onder uiteenlopende omstandigheden.
Onderuitgaan met je motor is de grootste angst van iedere motorrijder. Door goed te anticiperen, oftewel vooruit te lopen op en herkennen van situaties,
kun je dit in de meeste gevallen voorkomen. Hierover hebben we het al vaker gehad. Toch bestaat altijd de kans dat je toch valt met je motor.
Dan kun je er in ieder geval maar beter goed op voorbereid zijn.
Dat er behoorlijke verschillen zitten in de kwaliteit van motorkleding zal iedereen duidelijk zijn.
In deze nieuwsbrief zetten we in het kort even de verschillen tussen kunststof en leer uiteen.
Of je nou voor leer of textiel kiest, bezuinig niet op kwaliteit.
Goede motorkleding betaalt zichzelf altijd weer terug bij een ongeluk.
Basisregels voor meer motorveiligheid
Vriendelijkheid werkt aanstekelijk
Vriendelijke handgebaren, een zichtbaar gesproken 'Dank je' of een dankbaar knikje
hebben veel meer uitwerking dan wanneer we alleen maar op onze strepen blijven staan.
Vooral: wie een vriendelijk bedankje voor zijn behulpzaamheid gekregen heeft,
zal eerder geneigd zijn ook in de toekomst goede daden te verrichten.
Geef dus het goede oftewel vriendelijke voorbeeld.
Zoek in moeilijke situaties bovendien altijd oogcontact
met andere verkeersdeelnemers. Dat helpt spanningen en acute
veiligheidsproblemen op te lossen.
Let op de zwakkeren
Let in het verkeer vooral op zwakkere verkeersdeelnemers zoals kinderen, gehandicapten en ouderen.
Door je snelheid aan te passen en door je bereidheid te remmen
dien je je zo te gedragen dat het in gevaar brengen van deze verkeersdeelnemers uitgesloten wordt.
Denk voor anderen
Vaak komt het alleen daarom niet tot een ongeval doordat een persoon zich op het juiste moment in de positie van een andere verkeersdeelnemer verplaatst.
De fietser die plotseling uitzwenkt, het kind dat ieder moment de straat op kan rennen of de auto of motor die tegen de zon in rijdt en slecht ziet -
in zulke situaties moet je leren voor anderen te denken. Als je je voortdurend de vraag stelt:
'Wat zal waarschijnlijk als eerste gebeuren?' kun je veel onaangename verrassingen voorkomen.
Laat je niet provoceren
Reageer gelaten als iemand sneller dan geoorloofd rijdt of een andere verkeersregel overtreedt.
Geef geen commentaar en speel geen eigen rechter.
Daarmee verander je het kleine groepje verkeersterroristen toch niet, maar verhoog je alleen het risico op een ongeval. In het Duits hebben ze hiervoor een mooi spreekwoord: 'Der Klügere gibt nach', oftewel: de verstandigste geeft toe.
Zorg dat je altijd het goede voorbeeld geeft.
Neem de tijd
Wie rustig blijft, rijdt veiliger. Stress en spanningen verhogen daarentegen het risico op een ongeval.
De minimale tijdwinst die je er zo uithaalt staat in geen verhouding tot het hoge risico. Ga op tijd weg en laat het niet op de laatste minuut aankomen.
Rijd met aangepaste snelheid
Eenvierde van alle ongevallen gebeurt door niet-aangepaste snelheid. Bijzondere omstandigheden als regen, mist, donkerte, bochten e.d. vereisen een daarop afgestemd tempo. Dat kan vaak beduidend langzamer zijn dan door borden of regels voorgeschreven.
Houd voldoende afstand
Afstand schept bewegingsruimte. Hoe groter de afstand, des te meer tijd er overblijft om te reageren,
te remmen of uit te wijken bij plotselinge gevaren. Als zich iemand anders in die veiligheidszone dringt,
helpt maar één ding: opnieuw afstand vergroten!
Bij twijfel niet inhalen
Wacht met geduld en gelatenheid op een kans om in te halen. Een kleine tijdwinst verdient geen groot risico. In geen geval inhaalverboden en ononderbroken strepen negeren!
Voor het geval je een onvoorzichtige inhaler tegenkomt: uiterst rechts gaan rijden en in geval van nood afremmen
is beter dan met grootlicht te dreigen.
Let goed op voorrangsregels
Liever tweemaal kijken dan het er eenmaal op aan laten komen. Kruisingen en splitsingen zijn gevaarlijke ongevalspunten.
Alleen als je hier de voorrangsregels strikt in acht neemt en oplettend rijdt kun je conflicten en risico's voorkomen.
Houd bij gecompliceerde kruisingen altijd rekening met de fouten van anderen
en doe eventueel afstand van je recht op voorrang.
Drank maakt meer kapot dan je lief is
We weten allemaal dat alcohol ervoor zorgt dat je meer risico's neemt, maar dat het waarnemingsvermogen en je reactievermogen duidelijk verminderen.
Eenvierde van alle verkeersdoden is terug te voeren op alcoholgebruik.
Daarom nooit met alcohol op op je motor stappen!
Zorg er ruim op tijd voor dat je na een feest niet in je eentje naar huis hoeft te rijden.
Met wat planning en goede wil is er altijd wel een oplossing.
De straat kennen
Ook met de beste banden kun je problemen krijgen als het wegdek smerig en glad is.
Op dit moment komt het puur op je rijtechniek aan. Het is van uitermate belang
dat je al op tijd ziet in wat voor toestand het wegdek verkeert, zodat je je rijtechniek hierop aan kunt passen.
Daarom hieronder enkele voorbeelden:
![]() Hoe sterker de weerspiegeling op het wegdek, des te gladder het wegdek. |
![]() Hierbij geldt als stelregel: hoe donkerder, hoe gladder. Uitzonderingen: bijvoorbeeld het lichte gladde oppervlak van klinkerwegen en wegen met kinderkopjes. |
![]() Markeringen zijn over het algemeen aanzienlijk gladder dan de weg, vooral bij nattigheid, en kunnen tot 3 mm boven het wegdek liggen. Daarom: zoveel mogelijk om markeringen heen rijden, zodat er niet op geremd hoeft te worden. Als je er wel overheen moet rijden: motor zoveel mogelijk rechtop zetten, machine laten rollen. |
![]() Groeven op het wegdek worden aangebracht om het gevaar op aquaplaning te reduceren. De groeven lijken op rails en brengen daardoor de rijstabiliteit in gevaar. Gevolgen: gevaarlijke pendelbewegingen. Daarom: stuurbewegingen losjes houden, armen en polsen ontspannen. |
![]() Split en zand verzamelt zich hoofdzakelijk aan de rand van de weg en in het midden. Daarom: vooral bochtige weggedeelten in de gaten houden, je lijn aanpassen en de afstand tot je voorgangers vergroten. |
![]() Rails en putdeksels zijn van metaal en altijd glad, niet alleen als ze nat zijn. Ook liggen ze vaak niet vlak. Daarom: alleen zo rechtop mogelijk eroverheen rijden. Niet in paniek raken als je al eens wat wegglijdt. |
![]() Bruggen kunnen bij koud weer bevriezen, zelfs wanneer alle andere weggedeelten ijsvrij zijn, omdat het brugoppervlak aan de onderkant slecht geïsoleerd is. De voegen van bruggen zijn meestal van metaal. Daarom: bij koud en vochtig weer op deze plekken extra voorzichtig zijn. |
![]() Aquaplaning is bij een motor echt heel zeldzaam. Als het al gebeurt is het bij hogere snelheid. Als het optreedt is een val voorgeprogrammeerd. Hoge waterstanden treden vooral op bij spoorvorming en naast verhoogde wegmarkeringen. Daarom: afwisselend spoorvorming, grote plassen en markeringen vermijden en snelheid aanpassen. |
![]() Takken en bladeren zijn typische herfstgevaren. Maar ook in het voorjaar kunnen bloesems het wegdek glibberig maken. Daarom: niet blindelings door bladeren e.d. heen rijden. |
![]() Diesel en olie vind je niet alleen bij het pompstation, maar heel vaak ook in de eerste bocht erna. Iemand hoeft maar zijn benzinedop vergeten te zijn of het is misse boel. Ook al zit de tankdop bij veel koekblikken rechts, de eerste linkerbocht na het pompstation is het gevaarlijkst. Soms kun je de natte plekken goed herkennen, soms niet, bij nat weer zelfs heel slecht. Daarom: kijk vooral in de buurt van pompstations goed uit. |
Waar het allemaal op neerkomt is dat de wet van onbedoelde gevolgen ten zeerste opgaat bij het verbeteren van de veiligheid.
Soms zullen zaken die bedoeld waren om ons veiliger te maken totaal geen verbetering laten zien
en in uitzonderlijke gevallen ons zelfs onveiliger maken.
De menselijke neiging om risico's te nemen kan alle pogingen van veiligheidsexperts tenietdoen. Aan het eind van het verhaal kan namelijk niemand ons redden van onszelf...
De volgende tips zijn bedoeld om het er heelhuids vanaf te brengen, mocht je onderuitgaan. Ze zijn echter geen garantie dat je niet onderuit zult gaan...
Motorkleding
Het materiaal van je motorkleding moet bestand zijn tegen schuifpartijen en zoveel als mogelijk is ernstige letsels, zoals schaafwonden (kasseibrand), kunnen voorkomen.
Je staat er misschien niet bij stil, maar schaafwonden tengevolge van een motorongeval leiden meestal tot ernstig letsel en soms verlies van ledematen.
Motorkleding dient voor een goede bescherming voorzien te zijn van een hele reeks protectoren. Op de schouders, rug, onderbenen en knieën dienen sterke, liefst CE-gekeurde protectoren te zitten die de meest kwetsbare delen van je benen en romp moeten vrijwaren van ernstige schade tengevolge van een valpartij of ongeval.
De allerbeste keus om jezelf te beschermen is dik leer. Tweede keus zijn slijtvaste lichtgewicht materialen zoals Cordura, Gore-tex en Kevlar.
Cordura is soepel, rekt uit bij een crash en springt weer terug op z'n plaats, cruciaal bij een crash.
Kevlar is duur en moeilijk te verwerken. Kevlar is lichter en sterker dan nylon (Cordura), maar niet elastisch en scheurt daarom eerder. Soms wordt daarom Kevlar met nylon of lycra verwerkt, waardoor het veel van z'n positieve eigenschappen
verliest en erg brandbaar wordt. Van Kevlar heb je bovendien minimaal twee lagen van goede kwaliteit nodig voordat het voldoende
beschermende eigenschappen heeft (zie onderstaande tabel). Het voordeel van Kevlar is dat het, vooral verwerkt in motorhandschoenen, heerlijk warm is. Het smeltpunt ligt bij 450°C. Ingeweven in ander materiaal biedt het meer anti-glijeigenschappen dan Cordura.
Hierbij denken we aan Keprotec. Keprotec wordt vooral gebruikt om de meest kwetsbare delen van een pak (ellebogen, schouders, knie, heup, etc.) te versterken.
Een motorpak uit kunststof bestaat echter meestal uit Cordura. Cordura is niet water- en winddicht,
daarom wordt het verbeterd met Gore-tex of Windstopper*.
Het is licht en warm en je hebt geen extra regenpak nodig. Heeft het pak een uitneembare thermische voering, dan kom je er haast het hele jaar mee rond. Het smeltpunt ligt bij 210°C.
Nadeel is dat het bij hoge snelheden (sportmotor) onvermijdelijk gaat klapperen. Omdat een kunststof pak niet als een tweede huid op je lichaam aansluit zitten de beschermstukken ook meestal niet op de goede plek als je ze nodig hebt...
Cordura heeft veel minder anti-glij-eigenschappen dan Kevlar en leer. Bovendien is Cordura bij lange na niet zo slijtvast als leer (coureurs rijden niet met textiel). Jammer genoeg is er in Amerika alleen een onderzoek gedaan naar de slijtvastheid van Kevlar versus leer.
Ik vermoed dat Cordura, mits van goede kwaliteit, ongeveer dezelfde slijtvastheid zal hebben als Kevlar.
Het probleem is dat, zoals we bij Kevlar al hebben gezien, veel afhangt van de dikte (Cordura 700 [denier, een maat voor de dikte van het garen waaruit de stof geweven is] is sterker dan 500), de verwerking hiervan, de verwerking met andere materialen, het aantal lagen, de naden, de coating en ga zo maar door.
*Een pak is trouwens nooit volledig honderd procent waterdicht.
Hier geldt dat de duurste textielen pakken het meest waterdicht zijn (Gore-tex, biedt zelfs garantie). Kleding met een waterdichte binnenjas en een membraan zijn het meest waterdicht.
Goedkopere kleding, die vaak gecoat is (waterafstotende buitenlaag) is wel waterdicht, maar benauwd (niet ademend). Kwaliteit zie je in de meeste gevallen terug in de prijs.
Laat je in ieder geval goed informeren...
De voorkeur gaat uit naar leer. Leer heeft ventilerende eigenschappen en is in hoge mate slijtvast, scheur- en wrijvingsbestendig. Het is uitermate rekbaar en heeft een laag soortelijk gewicht.
Met zijn uitstekende anti-glijeigenschappen en een hoog smeltpunt zul je in een goed leren pak
een crash het beste doorstaan. Als je over het wegdek glijdt werkt deze als een enorme schaaf. Bovendien wordt door het glijden heel veel warmte opgewekt.
Leer is in hoge mate bestand tegen schaven, neemt niet snel warmte op en heeft bovendien een hoog smeltpunt.
Het nadeel van leer is dat je je gewone kleding er niet onder kunt dragen
en je bij regen een regenpak nodig hebt, omdat leer niet waterdicht is. In de koude maanden is leer meestal niet warm genoeg, waardoor je
genoodzaakt bent er een extra jas overheen te dragen.
Motorkleding valt klein uit. Neem dus altijd een maatje groter, vooral bij textielen kleding,
omdat deze over je eigen kleding wordt gedragen. Leer mag best erg strak zitten en mag bij het passen
niet comfortabel zitten. Bij een broek moet leer op de bovenbenen strak zitten. Leer rekt namelijk nog op en zou bij comfortabel passen te ruim worden.
Neem bij het passen even plaats op je motor,
zodat je zeker weet dat de protectoren op de goede plaats komen als je zit. Kies je voor donkere kleding, zorg er dan voor dat deze voorzien is van reflecterende materialen.
Nog even alle voor- en nadelen op een rijtje:
| Leer | |
|
Voordelen: nauwsluitend (klappert niet), ademend, overal slijtvast, hoog smeltpunt, vormt zich naar het lichaam |
Nadelen: niet waterdicht, verflaag beschadigt makkelijk, zwaar, stug (zeker in het begin) |
| Textiel | |
|
Voordelen: makkelijk over eigen kleding te dragen (woon-werkverkeer), waterdicht (zomerjassen niet altijd!), makkelijk te reinigen, veel verstelmogelijkheden, diverse (uitneembare) voeringen |
Nadelen: Klappert vrij snel (afhankelijk van type motor/kuip), niet overal even slijtvast, veel ritsen |
Waar op te letten bij leer
Het meeste leer komt van koeien en geiten, een duurdere soort is kangoeroeleer. Dit leer weegt ongeveer maar de helft in vergelijking met runderleer, maar is even sterk. Leer biedt goede protectie, maar zal bij een ongeval niet alle letsel kunnen voorkomen. Daarbij denken we vooral aan fracturen.
In ieder geval zul je met een leren motorpak het aantal fracturen, de aard en ernst van het letsel drastisch beperken.
Het beschermt het beste tegen schaafwonden.
| Materiaal | Seconden |
|---|---|
| Denim | 0.2 tot 0.5 |
| Sommige racehandschoenen | 0.6 |
| Meeste lederen handschoenen | 1.0 to 1.8 |
| Keprotec stretchmateriaal | 0.9 |
| Slechte Kevlar | 1.0 |
| Twee lagen gewassen katoen | 1.3 |
| 1.3 mm dikke koeienhuid | 3.8 |
| twee lagen van 1.3 mm dikke koeienhuid | 18 |
| drie lagen van 1.3 mm dikke koeienhuid | 55 |
| twee lagen dicht geweven Kevlar | 5.6 |
| Suède | 18 |
| Laarzenleer (normaal 2.2 mm dik) | 20 |
| Lederen stretchdelen (2-3 mm dik) | 20.4 |
Of je motorkleding een leren pak is of van kunststof materialen hangt af van persoonlijke smaak, het doelgebied, instelling en budget. Op beide gebieden heb je voorvechters die het alleen maar eens zijn met hun eigen visie. Deze discussie gaan we hier niet aan. Ieder moet voor zichzelf beslissen wat het beste bij hem past. De hoofdzaak is dat je goed beschermd op je motor stapt!
Wist je dat
Strange and odd motorcycle news stories
anti-stress.exe
Kies met Esc je gereedschap.
Klik hier voor de vorige nieuwsbrieven:
|
|
Hoewel de informatie op deze site permanent zo nauwkeurig en actueel mogelijk wordt weergegeven zijn wijzigingen en/of onjuistheden te allen tijde voorbehouden. Aan de inhoud van deze nieuwsbrief kunnen derhalve op geen enkele wijze rechten worden ontleend. |