Voor wie is deze tocht/training bedoeld?
Deze tocht is bedoeld voor rijders met ervaring in de bergen. De
bergtraining in de Taunus is zeer aan te bevelen. Uiteraard kan deze tocht ook
worden gereden door rijders die bij collega-instellingen een soortgelijke cursus
hebben gevolgd of beschikken over een ruime eigen ervaring met het rijden in de
bergen.
Waar
gaan we heen?
We logeren in hotel Da Remo in het plaatsje Tenna. Tenna ligt
ongeveer 16 km ten oosten van Trento, gelegen aan de Autostrada A22 (Innsbrück –
Zuid Italië.) Het hotel heeft een Nederlandse bedrijfsleiding, wat de
conversatie aanzienlijk vergemakkelijkt.
Training/Toer
Er wordt gereden in groepen van 8/9 rijders met een instructeur. De
groepen zijn groter dan in de Taunus. Enerzijds omdat de nadruk hier iets minder
ligt op training dan in de Taunus en anderzijds om deze training/tour
betaalbaar te houden voor iedereen (hoe kleiner de groep, hoe duurder de kosten
instructie/begeleiding per cursist). Je rijdt dus altijd met een instructeur.
Dus geen begeleider die in het hotel aanwezig is en soms met de groep meerijdt.
Programma
Vrijdag/zaterdag
(heenreis)
We vertrekken op vrijdag. Je kunt individueel naar Italië rijden (met
de motor, met auto/trailer of met de autoslaaptrein). Of je kunt meerijden met
de groep, die verzamelt op vrijdagmorgen rond 07.30 uur op de A 12, nabij de
grens. Deze groep rijdt in 2 dagen naar de plaats van bestemming in Italië.
De eerste dag wordt er door de groep ongeveer 600/700 km gereden, gerekend vanaf het verzamelpunt aan de grens. De tweede dag worden de resterende 300/400 km gereden. Totale afstand vanaf de Nederlandse grens tot aan het hotel is 1004 km. Aankomst bij het hotel op zaterdag, rond 16.00 uur.
Zaterdagavond wordt er onderling kennisgemaakt en het programma en groepsindeling besproken.
Zondag
Op deze dag rijden we de eerste, relatief korte tocht van 160 km.
Dit houdt in dat je die dag toch zo’n 4,5 uur op de motor zit. Met de
lunch/koffiestops en instructie dus zo’n 7 uur. We houden deze dag kort, omdat
de meesten de twee dagen ervoor ruim 1000 km hebben gereden en het rijden in de
Dolomieten behoorlijk uitdagend is. Zo rond 16.00 uur terug bij het hotel.
Maandag
Deze dag gaan we naar het Gardameer. Vanuit Tenna in westelijke
richting waar we na 20 km Monte Bondone tegenkomen. Vanaf 200 m hoogte
slingerend omhoog naar 1700 m. Alsof er geen eind aan komt. En de weg naar
beneden is een schitterende weg met heerlijke haarspeldbochten. Niet van die
vervelende knijpers, maar van die mooie waar je (als je wilt) heerlijk snel
doorheen kunt. Daarna naar het Gardameer. We nemen de weg aan de westkant van
het meer, die voor grote stukken door “tunnels” gaat. Een heel aparte ervaring.
Daarna gaan we weer de bergen in en rijden vervolgens weer terug naar Riva del
Garda aan de NW-punt van het meer. Vandaar uit richting Rovereto. En weer aan
schitterende bochten geen gebrek. En met prima asfalt. Via de Passo Sommo weer
terug naar Tenna. In totaal ongeveer 220 of 290 km (afhankelijk of de volledige
route wordt gereden of dat deze wordt afgekort wegens tijdgebrek)
Dinsdag
We gaan de andere kant op in noordoostelijke richting. De
“Kleine” Dolomieten zijn ons doel. Ik zet dat klein tussen aanhalingstekens,
want het begrip “klein” is hier wel heeeeeel relatief.
Ik kan hier een lang verhaal over schrijven, MAAR DIT MOET JE ZELF HEBBEN MEEGEMAAKT!! Een mooie en lekkere rustige omgeving. Even een paar gegevens om je een idee te geven:
Passo Brocon 1616 m
Passo Rolle 1955 m
Passo Valles 2033 m
Passo Staulanza 1773 m
Passo Duran 1601 m
Passo Cereda 1378 m
Dit zijn de passen die we in ieder geval gaan rijden. In het dal 30 graden en boven op de berg 10 graden of nog minder. Dus niet te dun gekleed gaan. Een geweldige tocht van ruim 300 km. Betekent dus wel om 09.00 uur weg en op zijn vroegst om 18.00 uur terug. En hoe gek het ook klinkt, je moet flink doorrijden om een gemiddelde snelheid te halen van 45 km/uur (en dan rekenen we de lunch en koffiestops NIET MEE !!)
Woensdag
Woensdag wordt een “doe-wat-je-wilt-dag”. Voor degenen die even
genoeg hebben gereden in de voorafgaande 5 dagen, een rustdag. Lekker uitslapen
en misschien naar Trento de stad in of gewoon een dagje uitrusten voor de nog
komende 3 motordagen.
Wordt er dan helemaal geen motor gereden? Ja natuurlijk wel. Ik ga die dag op verkenning naar nieuwe leuke weggetjes en bestemmingen, want stel je voor dat er ergens nog een leuke weg is, die nog niet in het programma zit. Dan moet die er uiteraard in 2007 wel in. En de rijders die niet moe zijn en zin hebben om te rijden, staat het natuurlijk vrij om achter mij aan te rijden. Geen idee waar we heen gaan, maar verdwalen doen we niet, want ik heb GPS. Ook geen idee hoeveel km ik ga rijden. Het is een verrassingsdagje voor de liefhebbers.
Donderdag
Deze dag gaan we naar de Grote Dolomieten. De echte hoge bergen
dus. Het enige nadeel is dat het hier wat drukker kan zijn met het verkeer. Maar
als motorrijders slingeren we daar wel tussendoor.
Welke passen komen we tegen:
Je ziet het, allemaal net even hoger dan de “Kleine” Dolomieten. Maar zuurstofmaskers zijn nog niet nodig, wel een dikke trui, want zoals eerder vermeld, al is het in het dal 30 graden, dan is het boven behoorlijk koud, vooral als het waait. Maar het is wel leuk om midden in de zomer boven op de berg bij een knapperend haardvuur een lekkere kop hete soep te eten tussen de middag. Lengte van de route ongeveer 310 km, dus ook weer een pittige dag.
Vrijdag
Aan alle mooie dingen komt een einde, en zo ook aan deze
training/tour. Na het ontbijt vertrekt iedereen weer, hetzij in groepsverband,
hetzij individueel. Deze dag rijdt de groep zo’n 600/700 km richting Nederland.
Zaterdag
Het laatste stuk van 300/400 km tot aan de Nederlandse grens. Bij
de grens wordt afscheid genomen en gaat iedereen richting huis.
Voor de heen en terugreis kun je ook eens kijken op de
onderstaande links:
Met de motor per trein naar Italië
Vanaf Düsseldorf en Dortmundt rijdt de autotrein naar Bolzano (Bolzen). Van
daar is het nog slechts 80 km tot het hotel waar we verblijven tijdens de
tour/training.
Je motor per vrachtauto naar de
Dolomieten
Dit bedrijf vervoert met de vrachtauto je motor naar het hotel. Er
is zelfs een arrangement waarbij ze je motor bij je thuis ophalen.
Verslag verkenning en uitzetten routes augustus 2005
Op vrijdag 5 augustus vertrokken we naar de Dolomieten. We hadden
gekozen voor een reis met de de autoslaaptrein (of in ons geval de
motorslaaptrein). Deze vertrok vanuit 's-Hertogenbosch. Hoewel de trein pas om
16.10 uur vertrok, moesten wij er al om 13.30 uur zijn, omdat de motors eerst
werden opgeladen. We reden naar Den Bosch in de stromende regen, zodat het in
ieder geval geen moeite kostte om afscheid te nemen van Nederland.
Het opladen is al een avontuur op zich. De motors staan op het onderste laadvlak, en als je aankomt rijden, dan begrijp je meteen waarom het dragen van een helm tijdens het opladen VERPLICHT is. Met je kin op het stuur heb je nog steeds het idee dat je hoofd vlak onder de stalen balken van het bovendek doorgaat (en dat is ook zo). De maximale hoogte van auto's en motoren is 1.58 m, dus reken maar uit. Daar komt bij, dat je de hele trein moet doorrijden, want omdat je als eerste moet laden, sta je ook vooraan. Vooral van wagon naar wagon is best even spannend. Het zijn geen brede openingen, maar met je relatief smalle motorbanden op een nat stalen wegdek..... helemaal lekker voelt het niet aan. Maar we kwamen zonder kleerscheuren aan de voorkant van de trein. Daar werden de motors vastgezet in speciale stalen klemmen aan de voor en de achterkant. Je rijdt met je voorband in een soort veredelde fietsenklem en achter wordt er een soortgelijke klem tegen je achterwiel gezet. Verder een respectabel aantal spanbanden en je motor kan geen kant meer op. En dat is maar goed ook, want de trein gaat onder het rijden flink tekeer (maar daarover later meer).
We hadden gekozen voor een privé-coupé, waar je met maximaal 3 personen gebruik van kunt maken. Volgens de brochure het toppunt van luxe en DE gelegenheid om volledig uitgerust aan te komen op de plaats van bestemming. En toen we de coupé binnenkwamen, wisten we meteen weer hoe relatief begrippen als "luxe" zijn. Een relatief brede bank voor drie personen, met daarvoor een ruimte van ongeveer 70 cm voor je benen, en dat was het. Onder een piepklein tafeltje zat een wasbakje verborgen. Bagageruimte was er niet veel. Geen probleem als je met de auto reist, want dan laat je alles in de auto en neemt alleen een klein tasje mee met de hoogstnoodzakelijke dingen. Helaas heb je op een motor wat meer bagage (want je mag niets op de motor laten zitten) en bovendien heb je nog je helmen. motorkleding, etc.
Maar er gaan een hoop makke schapen in één hok en met wat passen en meten waren we geïnstalleerd. Maar met een verblijf van 18 uur in de trein, was de ruimte niet zo overdadig als we hadden gehoopt. Helaas is er aan boord ook geen gelegenheid om je te wassen of te douchen, dus als je bezweet aankomt.......
De trein vertrok keurig op tijd en we vertrokken stipt om 16.10 uur uit een
koud en regenachtig Nederland. Bij Venlo stonden we alweer een mooi tijdje stil,
want bij elke grensovergang wordt er van locomotief gewisseld. Hoezo één
Europa??? Dus bij de Duitse, Zwitserse en Italiaanse grens verse loco's. Met
alle bijbehorende vertraging uiteraard. Vooral bij de Italiaanse grens duurde
het bijna 2 uur voordat de locomotief was gewisseld. In Zwitserland stonden er 2
loc's voor, want een trein van in totaal 16 wagons tegen de bergen op, dat
vereist paardenkrachten.
Maar wat gaat zo'n trein tekeer onder het rijden. Schokken en schudden, niet te
kort. Ik ben op een gegeven moment naar de achterste wagon gelopen om eens te
kijken hoe de auto's zich hielden (de motors kon ik niet zien, want bij het
aankoppelen hadden ze de wagons omgedraaid, zodat de motors helemaal achteraan
stonden). En de auto's stonden echt behoorlijk tekeer te gaan. Op dat moment
begreep ik meteen waarom de motoren met zoveel spanbanden werden vastgezet. Maar
het vervelende is dat dat rammelen ook goed te merken is, als je probeert te
slapen. Eerlijk is eerlijk, de bedden waren goed. Echte bedden, met dekbed en 2
leren riemen om te zorgen dat je niet uit je bed viel, als de trein in de remmen
ging. Geen overbodige luxe.
Rond 10.30 uur kwamen we aan in Bologna. Dat is een stukje voorbij de Dolomieten, want vandaar moesten we nog 250 km rijden om in Tenna (nabij Trento) te komen. De motors kregen we vrij vlot na aankomst en na het opladen van de bagage gingen we rond 11.30 uur richting van het noorden.
Nu is 250 km niet zo'n verschrikkelijk end, ware het niet dat op de 225 km Autostrada er minstens 200 km langzaam rijden en stilstaand verkeer stond. Wat een gekkenhuis. In eerste instantie reden we keurig langzaam tussen de file door, maar op een gegeven ogenblik zagen we de Italiaanse motorrijders allemaal op volle snelheid over de vluchtstrook rijden. En met volle snelheid bedoel ik dus 100 km/uur of meer.
In het kader van integratie moet je je aanpassen aan lokale gewoontes en dus hebben wij het ook maar gedaan, zij het met een iets lagere snelheid (integratie kost tijd, nietwaar?) Maar al met al deden we over de 250 km ruim 4,5 uur. Dus uiteindelijk kwamen we toch moe en verreist in het hotel aan.
Het hotel Da Remo ligt in Tenna. En dat is een klein plaatsje tussen 2 meren,
ongeveer 18 km ten oosten van Trento. Het ligt op 650 meter hoogte, wat er in
ieder geval voor zorgt, dat de temperatuur niet te hoog oploopt. Alhoewel de
druivenstruiken en de kiwi's aan de bomen wel bewezen dat het er ook weer niet
al te koud kon zijn. De kamers zijn netjes en ruim, mooi badkamer (met gelukkig
een normale WC en niet zo'n hang geval, wat je in restaurants aantreft). Ontbijt
niet super uitgebreid maar ruim voldoende. Avondeten bestaat uit een uitgebreid
koud buffet, een voorgerecht dat meestal uit een pastasoort bestaat en een
hoofdgerecht van aardappelen met vlees. Als toetje een ijsje en dan kun je zo
dooropen naar het grote terras voor de deur. De prijzen van consumpties zijn
naar Nederlandse begrippen laag. Ook als je onderweg eet is het zeer goedkoop
(buiten de grote steden). Een lekker bord pasta naar keus of een pizza, zo rond
de 5 Euro, koffie en thee rond de 1,50 Euro en een fles mineraalwater kost 2
Euro. En dan heb je geen glaasje, maar een liter.
De daaropvolgende dagen hebben we leuke tochten uitgezet. Wel kwamen we al heel
gauw tot de ontdekking, dat een tocht van 300 km in deze omgeving behoorlijk
lang is. Je moet aardig doorrijden om een gemiddelde van 45 km/uur te halen. Dus
dan zit je voor 300 km al bijna 7 uur op de motor. Tel daarbij een lunchpauze
van een uur en 2 koffie/theepauzes van elk een half uur en dan zit je al gauw op
9 uur per dag. Ga je dan weg om 09.00 uur, dan moet je al je best doen, om om
18.00 uur in het hotel terug te zijn.
Omdat ik geloof in een rustige opbouw heb ik voor de eerste dag een tocht
uitgezet van 160 km. Vooral als je op de motor naar het hotel komt is dat voor
de eerste dag meer dan genoeg. De volgende dag rijden we 240 km. En dan komen
toch de lange tochten, namelijk naar de kleine en de grote Dolomieten. Daar zijn
passen aanwezig tot bijna 2300 m hoogte. En aan de route kun je weinig
verkorten, want een berg opzij schuiven, dat valt niet mee. Wil je een dergelijke
route rijden dan zit je vast aan rond de 300 km. Je kunt wel wat afkorten, maar
dan mis je hele mooie stukken. De woensdag is een rust(ig) dagje. Een dagje naar
Trento om eens rond te kijken of volgend jaar trainen in het bergrijden op een
berg op 5 km van het hotel. Een paar uurtjes letterlijk bergje op en
bergje af.
Zaterdagmorgen 13 augustus zijn we om 09.00 uur weer vertrokken vanuit Tenna
naar Bologna. De rit verliep iets voorspoediger, maar ook op de terugweg waren
er weer files zat. Maar dankzij de vluchtstrook hebben we daar niet veel last
van gehad.
De trein vertrok om 17.00 uur en de terugreis week weinig af van de heenreis. We
gingen de grens over bij Venlo, EN HET REGENDE WEER. Ook daarin was dus weinig
veranderd.